U bent hier > BEHANDELINGEN > Algemene Richtlijnen
Medicatie
Signaleer uw chirurg elke medicatie die u neemt, evenals eventuele allergieën (tegen bepaalde medicatie, kleefpleister, en zo meer).
Vanaf twee weken voor de ingreep mag u, onder welke vorm ook, geen medicatie meer innemen die aspirine bevat (onder meer Acenterine, Asa flow, Alka Selzer, Aspro, Dispril, Perdolan, Solupsa, Tampyrine), aangezien die producten het bloed lichtjes kunnen verdunnen en het zodoende minder makkelijk stolt.
Als eventuele pijnstiller bevelen we een paracetamolpreparaat aan, bijvoorbeeld Dafalgan, Finimal, Perdolan Mono, Sanicopyrine e.a. Deze pijnstillers krijgt u zonder voorschrift bij de apotheek. Zorg dat u deze reeds in huis heeft voordat u de behandeling ondergaat.
Roken
Indien u rookt, heeft u er alle belang bij om ermee te stoppen, vanaf minstens twee weken voor tot twee weken na de ingreep.
Roken veroorzaakt een vernauwing van de bloedvaten, waardoor de bloedvoorziening vermindert en de genezing van de wonde trager verloopt. Wie toch rookt, loopt zelfs het risico dat de wonde weer opengaat.
Bovendien is de hoeveelheid slijm in de keel bij een roker altijd opvallend groter dan bij een niet-roker en vandaar ook de neiging tot hoesten, wat erg nadelig kan zijn bij een algemene verdoving.
Bijkomende preoperatieve onderzoeken
Uw chirurg zal bepalen of er voorbereidend onderzoek nodig is (bv. bloedonderzoek, elektrocardiogram, röntgenopname van de longen). Indien nodig, laat het onderzoek dan enkele weken voor de ingreep uitvoeren.
Indien de ingreep onder narcose uitgevoerd zal worden moet U nuchter blijven d.w.z. niets meer eten en drinken vanaf 12 uur 's nachts, de nacht voor de behandeling.
Dag van de behandeling
Kom bij voorkeur zonder maquillage naar de behandeling, of breng materiaal mee om u vooraf te demaquilleren. Draag loszittende kledij, ingeval van gelaatschirurgie bij voorkeur iets dat u niet over het hoofd dient te trekken.
Wanneer de ingreep in het ziekenhuis gebeurt, wordt een kamer voor u gereserveerd. Op de dag van de operatie biedt u zich eerst bij de opnamedienst aan om de nodige administratie te regelen. Dan brengt men u naar uw kamer, waar u kennis zult maken met de anesthesist dat is de arts die u onder verdoving brengt en u gedurende de hele operatie begeleidt. Meld de anesthesist indien bij eventuele vorige ingrepen iets abnormaals is voorgevallen. Voor de operatie krijgt u nog bezoek van uw chirurg, aan wie u dan uw laatste vragen of opmerkingen kwijt kunt.